westplas mavo buitenDaar ging ‘ie, de Groene Vlag. Als eerste school in de regio, eerste school binnen Wellantcollege. Trots, uiteraard, maar ook enigszins teleurgesteld: er was immers mooi weer voorspeld en geen grote grijze wolkenmassa zoals nu. Prachtig fotoweer, zei de fotograaf, geen scherpe schaduwen. Daar doen we het dan maar mee, dacht ik. Na de ceremonie raapten een aantal leerlingen de verpakking van de uitgedeelde, biologische ijsjes van de grond. En daar doen we het voor, dacht ik, zeker toen bleek dat geen van de collega’s opdracht had gegeven.

Even later schoof ik brutaal aan bij het gesprek tussen Hak van Nispen, zijn kompaan van Eco-Schools en onze duurzaamheidsambassadeur van Wellantcollege, Susan Schuddeboom. Het gesprek leek te gaan over “en hoe nu verder, de andere scholen binnen Wellantcollege en wat moest de Westplas Mavo doen de komende jaren om de school Eco-proof te houden, liever nog: door te ontwikkelen.” Nu ja, opperde ik, je hebt natuurlijk de tastbare duurzaamheid, zoals gescheiden afval, think before you print, een centrale watertap in de school, gezonde kantine, dat soort zaken, maar je hebt natuurlijk ook de wat minder tastbare kant van duurzaamheid.

Vertel, zei Hak. Nou, zei ik weifelend, denk bijvoorbeeld aan het welzijn van collega’s en leerlingen. Is het onderwijs te doen? Hoe zorg je ervoor dat je ook daar toepast wat je predikt? En ik verwees naar onze missie, waarin wij van Westplas Mavo ons onder andere tot doel stellen dat leerlingen zich bewust zijn van de gevolgen van hun eigen gedrag. Zowel voor zichzelf als voor anderen. Dat is toch de kern van duurzaamheid, zei Susan, en een mooi streven, maar hoe doe je dat dan?

Nogal wiedes, zei ik, door bijvoorbeeld slim te organiseren. Niet alleen volgens de wet- en regelgeving, maar ook zo dat het werk te doen blijft. Ik zie veel lesgevenden die maar beperkt hun voor- en nabereidingstijd kunnen verzilveren omdat het ze aan aaneengesloten tijd ontbreekt. Ja, na vieren ’s middags, of in de vakantie. Dan zou er tijd zijn. Maar ook energie? Straks is het herfstvakantie, de fulltimers zijn dan zo’n 180 lessen verder. Ben je na een dag lesgeven, zeven lessen van 50 minuten en een kleine tweehonderd pubers nog op je best? Is het efficiënt, zinvol, om dan nog even aan je vakwerkplan te gaan werken? En zijn je collega’s er dan wel? Dus zijn we, ik en de docenten, met behulp van onze onderwijsadviseurs, kritisch gaan kijken naar de onderwijstijd, en vooral, wat je wel en niet mag sinds de nieuwe wet op onderwijstijd. Wat bleek, we halen de onderwijstijd makkelijk. En dus is niet het halen van de onderwijstijd, maar het rond krijgen van het curriculum leidend. En dus hebben we nu voor het tweede jaar een viertal zogenaamde ‘ontwikkeldagen’ in het jaarrooster: lesvrije dagen, waarbij alle collega’s op school zijn en je dus naar keuze en behoefte elkaar kunt opzoeken om mét energie een goed doordacht plan van wat dan ook op te leveren, lessen te ontwikkelen, kortom: de core-business centraal te zetten. Aan mij de taak als leidinggevende met mijn tengels van die aaneengesloten tijd af te blijven, niet stiekem een workshop te plannen. Maar wel verwachtingen stellen. Bevalt iedereen uitstekend. Bovendien kun je nog eens wat leerlingen oproepen die nog iets moeten afmaken of inhalen en eigenlijk ontdekken we nog steeds nieuwe mogelijkheden die allemaal voortkomen uit die aaneengesloten tijd. Is er een deadline? Plaats ‘m zo mogelijk ná een van de ontwikkeldagen, des te smarter kun je ‘m stellen, zonder dat men bang hoeft te zijn buiten adem te raken en dus daalt de kans op uitval. Want kwaliteit, dat kost tijd.

westplas mavo vlagNice, zei Hak, maar hij leek niet heel erg onder de indruk. Nog een, zei ik, waarop we de duurzaamheid immaterieel vorm proberen te geven: we kijken heel kritisch naar onze communicatiestroom. We hebben twee informatiebronnen in de school, één organisatorisch en beleidsmatig, de ander gaat over de leerlingen, hun wel en wee. Twee keer per week wordt die integraal verstuurd. Iedereen heeft zichzelf aangeleerd informatie óf in de een, óf in de ander te plaatsen. Resultaat is tweeledig: de stroom e-mails neemt af én je weet waar je moet zijn voor de juiste info. Volledig en eenduidig. Valide en betrouwbaar. Bijwerking is ook dat je op vergaderingen niet oeverloos met mededelingen bezig bent. Sterker, je hoeft minder te vergaderen, blijkt. Degene die niet goed leest, valt door de mand. Dus lezen is onvermijdelijk, anders mis je de boot. Minder mails dus, minder vergaderen én het wordt meteen zichtbaar wie zijn ‘huiswerk’ niet doet. Want werkdruk, zo ontdekten we, komt vooral voort uit mensen die hun werk niet doen, en niet omdat er teveel is te doen. Nu leek Hak eindelijk onder de indruk, hij glimlachte en gaf aan dat hij vooral heil zag in die twee, dus én ontwikkeldagen, én het terugdringen van vergaderingen die in hoorcolleges uitmonden omdat men zijn huiswerk niet doet.

En, daagde hij uit, wat doe je nog meer dan? Tja, aarzelde ik, feitelijk is duurzaam vooral super professioneel willen worden, en dus moet je ook heel duidelijk zijn in wat je van elkaar verwacht, wat ouders en leerlingen mogen verwachten. Zo hebben we richtlijnen geformuleerd met de strekking Pas Toe of Leg Uit, waarmee de autonomie, maar ook integriteit van een ieder wordt aangesproken. Gewoon door simpelweg op schrift te zetten: zo willen we het hebben. Dus duurzaamheid betekent ook voorspelbaarheid, vatte Hak gevat samen. Euhh, ja, zo heb ik dat nog nooit genoemd eigenlijk, maar dat is het in feite natuurlijk. Hij leek me telkens een stapje voor, die Hak, en ik vermoedde meer en meer dat hij eigenlijk alles wat ik vertelde allang zelf bedacht had en mij aldus uitnodigde bewust bekwaam te worden. Over duurzaamheid gesproken. Maar, herpakte ik mij, bovenal moet je je dus met elkaar vooral bewust zijn van waarom je de dingen doet zoals je ze doet en durven ter discussie te stellen. Duurzaamheid is ook ondernemen, zoeken naar de meest gunstige omstandigheden voor duidelijk gestelde doelen. Mensen blijven uitnodigen vragen te stellen, nieuwsgierig te blijven. Goh ja, concludeerde Hak, zo raak je met duurzaamheid ook de ethische kant van wat het is om een goede school te zijn voor leerlingen en medewerkers. En hij leek even werkelijk verrast. Zou je daar niet een stukje over willen schrijven voor ons blog op de site voor Eco-Schools, vroeg Hak toen. Wie weet, aarzelde ik, als je kunt wachten tot de eerstvolgende ontwikkeldag?