csm Duurzame Bavinckschool f0fa2c5d6a

Duurzaamheid is wereldwijd al lang onderwerp van discussie. Klimaatverandering, luchtvervuiling, ‘plastic soep’; de effecten op de lange termijn zijn rampzalig. Daarom besloten de Verenigde Naties in 1992 een keurmerk voor duurzaamheid in het leven te roepen: Eco-Schools. Hiermee richt de VN zich op de toekomst, door leerlingen van scholen over de hele wereld te onderwijzen over zorg voor de natuur. Na 25 jaar kreeg Haarlem onlangs zijn eerste Eco-School. De Dr. H. Bavinckschool had de primeur en ontving op 12 september het ‘bronzen certificaat’. En dat zorgde in de basisschool in Haarlem-Noord voor een hoop trotse gezichten.

Toekomstbestendig

Ouder en initiatiefnemer Annelies Roon merkt tevreden op dat het programma zelf net zo toekomstbestendig is als het doel. “We zochten naar een manier om de kinderen bewust te maken van duurzaamheid. Dat kan met kleine projecten, maar dan verdwijnt het onderwerp na afloop weer van de agenda. Eco-Schools is iets blijvends, een soort stok achter de deur.” Ook Pascal Dirkzwager, leerkracht van groep 6, is te spreken over het Eco-Schools-programma. “Kinderen hebben een kort lijntje met de natuur, een echte connectie. Zij vinden de zorg voor de omgeving heel vanzelfsprekend. Dat is precies de reden dat dit programma zo goed werkt.”

Leerkrachten en wethouders

Leerlingen Fien, Dido en Délano zijn al net zo enthousiast. Als ‘groenmaatjes’ voeren zij allerlei duurzame klusjes uit en zien zij er op toe dat de afspraken goed worden nageleefd. Zij geven niet alleen instructies aan andere leerlingen, maar ook aan leerkrachten. En zelfs aan wethouders. Fien vertelt trots over het recente bezoek van Merijn Snoek en Cora-Yfke Sikkema: “Zij kwamen langs om ons een prijs te geven. En toen lieten we hen zien hoe het werkt. Dat was heel leuk!”

Ingenieus systeem

Brein achter de werkwijze is de ‘groengroep’, bestaande uit onder meer meester Pascal en de groenmaatjes. Zij hebben een ingenieus systeem ontwikkeld om restafval te scheiden, plastic afval te verminderen en energie te besparen. Dido legt uit: “We gebruiken speciale afvalbakken met afbreekbare zakjes voor GFT. We doen het licht uit na de les en we vouwen oude drinkpakjes plat, zodat in de zakken meer afval past. Ons systeem werkt heel goed!” Het succes van het programma is zo groot, dat alle kinderen wel een keertje groenmaatje willen zijn. Daarom wordt inmiddels gerouleerd. Tot verdriet van Délano, die het liefst permanent groenmaatje blijft. “Ik vind de natuur heel belangrijk. Ik ga er veel in spelen en ga soms met mijn opa naar de Veluwe.”

Zilveren certificaat

Toch krijgt Délano vast nog een kans groenmaatje te zijn. Annelies en Pascal hopen namelijk het zilveren certificaat in de wacht te slepen. Hiervoor is nog wel werk aan de winkel. Pascal: “Dit jaar richten wij ons op ‘voedsel’ en ‘gebouw en omgeving’. Deze nieuwe thema’s zijn door de leerlingen gekozen. Steeds meer kinderen gebruiken bijvoorbeeld Dopper flesjes. De leerlingen kunnen de hele dag hun flesje vullen met water. Niet alleen hebben we daardoor minder afval, maar de kinderen krijgen ook minder suiker binnen.” Om er met een zucht en een knipoog aan toe te voegen: “En dat is ook voor de meester een uitkomst.”

Foto: gemeente Haarlem