Eco-Schools is een keurmerk dat aangeeft dat een school zich steeds verder wil ontwikkelen als duurzame school, doorlopend bezig is om duurzaamheid in alle aspecten van de school te integreren en hier steeds meer mensen bij betrekken, zowel binnen als buiten de school.

Het keurmerk, de Groene Vlag van Eco-Schools, wordt toegekend aan scholen:

  • met de wil en motivatie om steeds verder te groeien als duurzame school,
  • die continu bezig zijn om duurzaamheid in alle aspecten van de school te integreren,
  • waar de betrokkenheid van leerlingen, docenten en management groeit,
  • waar leerlingen de ruimte krijgen om initiatief te nemen en actief betrokken worden bij het verduurzamen van de school,
  • die ook buiten de school steeds meer mensen weten te betrekken om samen te werken aan duurzaamheid, bijvoorbeeld buurtbewoners, lokale organisatie en bedrijven en de gemeente,
  • die gestructureerd werken aan het verduurzamen van het curriculum,
  • en steeds meer verbanden weten te leggen rond duurzaamheid.

Het resultaat is een school waar duurzaam denken en doen vanzelfsprekend is. Waar duurzaamheid niet meer een los onderwerp is, maar verweven in alle onderdelen van de school. Een school waar duurzaamheid voelbaar is, in het gebouw, in de buitenomgeving en onder de mensen.

Waarom een proceskeurmerk?

Eco-Schools is een proceskeurmerk. Dit wil zeggen dat het veranderingsproces centraal staat: het proces waarbij het Eco-team en de school doorlopend werken aan het verduurzamen van het onderwijs, de organisatie en de omgeving. Het Zevenstappenplan is hierbij een terugkerend, cyclisch proces dat houvast biedt om stapje voor stapje steeds verder te groeien.

Lees meer over de zeven stappen van Eco-Schools

Iedere school is uniek

Waarom is de certificering van Eco-Schools gebaseerd op het proces? Ten eerste ziet de weg naar een duurzame school er voor elke school anders uit. Het uitgangspunt is voor iedere school anders, de context is verschillend en elke school komt andere uitdagingen tegen. Dit betekent dat het resultaat van de inspanningen van de school ook altijd anders is. Door in de certificering naar het proces te kijken (in plaats van naar resultaten), is er ruimte voor de individuele verschillen, kansen en uitdagingen van de school.

Duurzaamheid als voortdurende zoektocht

Ten tweede zien we duurzaamheid niet als een eindpunt, maar als een ontwikkeling. Het gaat om duurzame ontwikkeling: voortdurend kijken en zoeken op welke manier we als mensen op een toekomstbestendige manier kunnen leven, in evenwicht met elkaar en binnen de grenzen van de aarde. In het geval van scholen gaat het bovendien om een continue zoektocht wat een duurzame school is, en hier steeds verder in groeien.

Mensen centraal

Tenslotte staan binnen een proces de mensen centraal: de leerlingen, docenten, managers, conciërges, ouders en alle andere betrokkenen bij de school, die met elkaar werken aan een duurzame school. Wij zijn ervan overtuigd dat duurzaamheid mensenwerk is, en dat een duurzame school begint bij mensen die duurzaam denken en handelen.

Het resultaat telt… niet?

Bij de certificatie wordt dus niet gekeken naar het absolute duurzaamheidsniveau van een school, maar naar de inspanningen die de school levert om dit doorlopende veranderproces op het gebied van duurzaamheid vorm te geven in de eigen situatie. Er wordt dus niet in eerste instantie gekeken naar ‘harde resultaten’, zoals minder energiegebruik, minder afval, toiletten op regenwater of zonnepanelen op het dak.

Wel is het belangrijk dat de inspanningen van de school resulteren in tastbare veranderingen op het gebied van afval, energie, water, mobiliteit, gezondheid, et cetera. Op  een school die continu werkt aan het verduurzamen van de school, zullen er gaandeweg steeds meer harde resultaten zijn. Ook zijn deze ‘harde’ resultaten in veel gevallen een teken dat de school goed bezig is en er echt voor gaat. Het laat zien dat er draagvlak is om dingen te veranderen in de school en dat het lukt om veranderingen te realiseren. Zo is het plaatsen van zonnepanelen niet iets wat in de certificering aan bod komt, maar wel een teken dat de school wil werken aan duurzame energie. Ook laten tastbare veranderingen soms zien dat de school bereid is om te luisteren naar de leerlingen die met dit voorstel kwamen. Zo worden de concrete resultaten op het gebied van duurzaamheid indirect meegenomen in de certificering.

Als een school qua ‘harde’ resultaten echt slecht scoort, dan zal daar in auditrapporten wel een opmerking over worden gemaakt. Van de scholen wordt namelijk wel verwacht dat er resultaten worden geboekt.

Eco-Schools Facilitair

Als een school de verduurzaming van haar facilitaire zaken versneld en serieus wil oppakken, dan is dat natuurlijk heel sterk. Door duurzaamheid voor te leven, laat de school aan leerlingen zien hoe en meer duurzame wereld eruit kan zien. Schoolbesturen, schoolleiders en conciërges die daarin een grote rol willen nemen, kunnen we daarbij ondersteunen. Het project ‘Eco-Schools Facilitair’ helpt ze daarbij op weg. Eco-Schools Facilitair is een ondersteuningstraject dat voortborduurt op de Eco-Schoolsmethodiek. De eerste vier stappen van het Zevenstappenplan worden uitgevoerd met speciale aandacht voor facilitaire zaken. Naast het Eco-team van leerlingen en docenten, wordt binnen de school een facilitair team samengesteld. In het facilitaire team zitten mensen van de schoolleiding (bijvoorbeeld de directeur) en mensen van het schoolbestuur (bijvoorbeeld huisvestingsverantwoordelijken). Het is sterk als het team gedurende het hele traject nauw contact houdt met het Eco-team van leerlingen en docenten en zij hun plannen op elkaar afstemmen. Zo wordt gewerkt aan een integrale aanpak.

Lees meer over Eco-Schools Facilitair

Het nut van certificering en audits

Evaluatie en reflectie

Eco-Schools is een doorlopend proces, waarbij iedere twee jaar een audit plaatsvindt. De audits zijn een moment van evaluatie en reflectie. Er wordt even pas op de plaats gemaakt en gekeken hoe ver de school is en waar de mogelijkheden liggen om nog verder te groeien en ontwikkelen. De externe audit en de aanwezigheid van een auditeur van Eco-Schools Nederland helpen om afstand te nemen van de dagelijkse gang van zaken en juist naar de grote lijnen te kijken.

Trots moment

De audits zijn voor alle betrokkenen ook momenten van trots. In de auditrapporten is positieve aandacht voor alles wat er al is gebeurd en bereikt. Er wordt teruggeblikt op wat er heel goed is gegaan en er worden aanbevelingen gegeven voor het vervolg. De auditrapporten worden daardoor in het algemeen heel hoog gewaardeerd door deelnemende scholen.

Bovendien is het ontzettend leuk en motiverend om in de eigen woonplaats of regio bekendheid te geven aan wat de school allemaal heeft gedaan. Dit werkt niet alleen extern, misschien werkt de publiciteit juist wel vooral intern, waarbij meer leerlingen, docenten en medewerkers in de school beseffen dat de school werk maakt van duurzaamheid en leerlingen en docenten zich daar gezamenlijk voor inspannen.

Stok achter de deur: auditmaanden

Om scholen zo nu en dan een duwtje te geven om nét even een tandje bij te zetten als een stap bijna is afgerond, hanteren we twee momenten in het jaar waarop audits worden uitgevoerd: voor de zomervakantie (de maand juni) en voor de kerstvakantie (de maand december). Deze vaste momenten zijn voor de school een stok achter de deur. Zo blijven mensen binnen de school meer betrokken en actief in het proces om een duurzame school te worden. Doordat van te voren duidelijk is wanneer scholen in aanmerking komen voor certificering, kunnen ze gericht toewerken naar het volgende auditmoment: Brons, Zilver of de Groene Vlag.

Soms vinden teams het wel lastig om de audit aan te vragen, omdat het voelt alsof hun werk nog niet ‘af’ is. Dat klopt! En dat zal altijd blijven gelden. De zoektocht naar duurzaamheid is een voortdurend veranderproces: dat is nooit ‘klaar’. Daarom stimuleren we scholen om niet te wachten met audits tot alles perfect is, maar de auditmaanden te gebruiken als mijlpalen. Want… na het behalen van een certificaat of de Groene Vlag gaat het gewoon door! Het uitreiken van een certificaat of de Groene Vlag gebeurt dan vlak voor de vakantie, om leuk af te ronden, of vlak erna, om positief weer op te starten.

Is het een school net niet gelukt om de audit op tijd aan te vragen, maar duurt de volgende auditmaand nog wel erg lang? Laat het ons dan even weten. Samen met het Eco-team en jou als begeleider stemmen we af wat er mogelijk is. Audits kunnen ook altijd tussen de auditmaanden door plaatsvinden.

Auditmomenten

De momenten waarop audits plaatsvinden, zijn afhankelijk van de fase waarin de school zich bevindt. In het traject naar de eerste Groene Vlag zijn er meer auditmomenten dan in het traject na de eerste Groene Vlag.

Eco Schools De zeven stappenOp weg naar de eerste Groene Vlag

In het traject naar de eerste Groene Vlag vinden twee audits plaats; voor het Bronzen certificaat en voor het Zilveren certificaat. Deze certificaten zijn officiële erkenningen dat de school op weg is naar de Groene Vlag.

De audit voor het Bronzen certificaat kan worden aangevraagd nadat de school stap 1 tot en met 4 heeft doorlopen. Dit is na ongeveer één jaar sinds de start.

Het Zilveren certificaat kan worden aangevraagd na het doorlopen van stap 5. Dit is ongeveer een half jaar na het behalen van het Bronzen certificaat.

Wanneer de school alle stappen heeft doorlopen, kan de audit voor de Groene Vlag worden aangevraagd. De school wordt beloond met de Groene Vlag wanneer de school alle zeven stappen succesvol heeft doorlopen. Dit is ongeveer twee jaar na de start.

Om te bepalen of een school het Bronzen certificaat, het Zilveren certificaat en de Groene Vlag verdient, vinden er audits plaats. Deze audits vraagt de school zelf aan via de website. De audits worden uitgevoerd door Eco-Schools Nederland. De audits voor het Bronzen en Zilveren certificaat zijn deskaudits. Deze worden uitgevoerd op het kantoor van Eco-Schools Nederland. De audit voor de Groene Vlag vindt op school plaats. De audits vinden plaats aan de hand van de criteria van Eco-Schools, die hieronder verder zijn toegelicht.

Elke audit wordt afgerond met een auditrapport, waarin wordt teruggeblikt op wat er al is gebeurd en waarin aanbevelingen worden gedaan voor het vervolg.

Na de eerste Groene Vlag

De Groene Vlag is twee jaar geldig. Na deze twee jaar wordt er opnieuw geauditeerd. Hierbij wordt gekeken of de school continue voortgang en verbetering laat zien in vergelijking tot de vorige audit. De audit wordt uitgevoerd aan de hand van dezelfde criteria als in het traject naar de eerste Groene Vlag.

Zeker na het behalen van de eerste Groene Vlag kan de school de criteria gebruiken om door te groeien. Aan de hand van de criteria kunnen het Eco-team, de school en de begeleider zien waar het al goed gaat, en waar de school zich verder kan ontwikkelen.

In deze fase zijn er geen audits meer voor het Bronzen en Zilveren certificaat. In plaats daarvan is er na één jaar een tussentijdse evaluatie, met het Eco-team en de begeleider.

Criteria

Criteria Eco Schools 2018 2019 impressieEco-Schools Nederland gebruikt procescriteria om te beoordelen of een school voldoet aan de vereisten voor het Bronzen certificaat, het Zilveren certificaat en de Groene Vlag. De criteria zijn opgesteld per stap van het Zevenstappenplan. Elke stap is opgesplitst in een aantal onderdelen. Zo bestaat stap 3 (Actieplan maken en uitvoeren) bijvoorbeeld uit vier onderdelen: 1) thema’s, 2) doelen, 3) maatregelen & activiteiten en 4) participatie van leerlingen. Voor elk onderdeel is vervolgens beschreven wanneer de school voldoende, goed, heel goed of uitstekend scoort.

Hoe worden de procescriteria gebruikt?

  • Je leest van links naar rechts. Je begint bij de beschrijving onder ‘voldoende’. Als die klopt voor de school, ga je naar de omschrijving onder ‘goed’, en zo verder naar ‘heel goed’ en ‘uitstekend’.
  • Het proces wordt als ‘onvoldoende’ beoordeeld als er niet aan de criteria voor ‘voldoende’ voldaan is.
  • Er zijn in totaal 32 criteria voor het niveau ‘voldoende’. Een school die voor de eerste Groene Vlag gaat, mag op drie onderdelen onvoldoende scoren. Ook voor het Bronzen certificaat en Zilveren certificaat mag een school op drie onderdelen onvoldoende scoren.

De criteria kunnen in sommige gevallen flexibel gehanteerd worden door de auditeur, als hier goede argumenten voor zijn. Zo kan het gebeuren dat een school niet letterlijk aan de criteria voldoet maar wel een vergelijkbaar niveau of resultaat heeft. Daarnaast kan het zijn dat bepaalde criteria niet, nog niet of niet meer relevant zijn.

Download de criteria van Eco-Schools